
Diergeneeskundige
sectie
basisgegevens
inleiding
U wilt de beste zorg voor uw hond. Het is daarom belangrijk
dat u uw hond onder controle stelt van een dierenarts, uw
hond de juiste inentingen krijgt en beschermt wordt tegen
bijvoorbeeld vlooien en teken. Wanneer uw hond toch iets mankeert
door bijvoorbeeld een ongeval of ziekte is het goed te weten
dat de kosten van de behandeling verzekerd kunnen worden.
Dier & Zorg, de huisdierenverzekering van Proteq, 100%
dochter van SNS Reaal Groep, biedt een ongevallen- en ziektekostenpolis
voor hond en kat met uitgebreide dekkingen. Deze polis kent
duidelijke voorwaarden en hoge maximale vergoedingen. Kortom
het verzekert u tegen vervelende verassingen achteraf!
Om te weten wanneer er iets mis is met uw
hond, is het belangrijk om kennis te nemen van een aantal
basisgegevens, zoals lichaamstemperatuur, polsslag, ademhaling,
leeftijd omrekening, de bouw van het lichaam (anatomie), het
gebit, etc. In deze sectie wordt globaal ingegaan op enkele
belangrijke gegevens. In de sectie over "meest voorkomende
aandoeningen" zal nader worden ingegaan op organen en
hun functie.
leeftijdtabel
Leeftijd omrekening tabel
Hond
|
Mens |
| 6 maanden |
10 jaar |
| 8 maanden |
13 jaar |
| 10 maanden |
14 jaar |
| 12 maanden |
15 jaar |
| 18 maanden |
20 jaar |
| 24 maanden |
24 jaar |
| 3 jaar |
28 jaar |
| 5 jaar |
36 jaar |
| 7 jaar |
44 jaar |
| 9 jaar |
52 jaar |
| 11 jaar |
60 jaar |
| 13 jaar |
68 jaar |
| 15 jaar |
76 jaar |
| 17 jaar |
84 jaar |
| 19 jaar |
92 jaar |
| 21 jaar |
100 jaar |
Niet iedereen hanteert dezelfde omrekentabel. Voorheen was
het gebruikelijk om ieder hondenjaar te vermenigvuldigen met
7. Echter: rekening houdend met allerlei fysiologische verschijnselen
blijkt dit niet te kloppen. Immers: een hond van 1 jaar zou
dan pas 7 jaar zijn, terwijl een teefje van deze leeftijd
al pups kan werpen! Kijken we nu naar bovenstaande tabel dan
zien we direct dat ook 15 jaar wel wat jong is om kinderen
te krijgen voor de mens! Echter: qua ontwikkelingen in hormoonhuishouding,
skelet en spierstelsel benadert de tabel het beste een "mensenleeftijd".
Er gebeurt van alles bij de ouder wordende hond. In de eerste
plaats en het meest opvallend is de slijtage aan de tanden
(zie ook onder gebit). De dierenarts kan meestal goed vast
stellen hoe oud een hond is door naar het gebit te kijken.
Andere uiterlijke kenmerken kunnen nauwelijks gebruikt worden
om leeftijd vast te stellen, omdat de ene hond nu eenmaal
eerder grijs wordt dan de ander, de ene hond eerder last krijgt
van troebele ogen etc.
Gebit
Pups hebben nog een melkgebit dat zal gaan wisselen en met
ongeveer 5 a 6 maanden vervangen zal zijn door het definitieve
gebit. Met ongeveer 3 a 4 maanden zullen de snijtanden uitvallen,
daarna zullen de molaren en premolaren wisselen. Overigens
zijn sommige rassen erg laat met wisselen en vallen de eerste
tanden pas met 5 maanden uit! Maak u niet direct bezorgd wanneer
de melktanden niet direct uitvallen en een "dubbele tandenrij"
ontstaat. Duurt het te lang, dan kan de dierenarts de melktandjes
gemakkelijk weghalen.

| 1 t/m 3 |
incisivi (I) (snijtanden) |
| 4 |
canini (C) (hoektanden) |
| 5 t/m 8 |
premolaren (valse kiezen) (M) |
| 9 t/m 10 |
molaren (ware kiezen) P) |
Voor de volwassen hond kan men de volgende
tandformule aangeven:
| |
M |
P |
C |
I |
I |
C |
P |
M |
| boven |
2 |
4 |
1 |
3 |
3 |
1 |
4 |
2 |
| onder |
3 |
4 |
1 |
3 |
3 |
1 |
4 |
3 |
Links en rechts zijn dus gelijk, alleen is
de onderkaak niet gelijk aan de bovenkaak, in die zin dat
in de onderkaak drie molaren zitten en in de bovenkaak slechts
2. De eerste premolaar is een heel klein kiesje dat laat verschijnt
terwijl de pup nog zijn melkgebit heeft en dat niet meer zal
wisselen.
De tanden moeten goed schoongehouden worden, door de hond
buffelhuidjes, kluiven en een flossknoop te geven. Tandsteen
is iets dat gemakkelijk kan ontstaan, en erg afhankelijk is
van de aanleg van de hond. Er zijn honden die al vanaf heel
jonge leeftijd tandsteen hebben,terwijl andere op heel late
leeftijd nog schone tanden hebben. U kunt het beste de hond
als pup al laten wennen aan "rommelen" in de mond.
U kunt zelfs de tanden poetsen met speciale hondentandpasta.
De dierenarts kan erge tandsteen ook verwijderen. Indien u
voor uw hond een ziektekostenpolis sluit bij Dier & Zorg
dan wordt gebitsanering op medische indicatie (inclusief het
trekken van tanden en kiezen bij tandbederf) één
keer per twee jaar vergoed.
Skelet
Het voert vanzelfsprekend te ver om de gehele anatomie hier
te bespreken. Bovendien komen enkele beenderen aan bod in
de E.H.B.O. sectie en komen verschillende organen aan bod
in de "veel voorkomende aandoeningen" sectie. Op
deze plek echter wel een overzicht en de namen van enkele
belangrijke beenderen in beeld.

Het skelet geeft stevigheid aan het lichaam. Het gehele skelet
bevat 279-282 botten. Het aandeel van de beenderen in het
totale gewicht hangt af van de grootte van de hond, maar is
ongeveer 7 tot 8.5% van het totaal gewicht. Bij kleine rassen
is het aandeel van de botten groter dan van grotere honden.
De beenderen bevatten kalk en fosfor. De voeding zal derhalve
voldoende mineralen en voedingsstoffen moeten bevatten om
de beenderen stevig te houden.
Basisgegevens
In onderstaande alinea worden enkele basis gegevens van de
hond gegeven, zoals polsslag, ademhalingsfrequentie, en temperatuur.
Deze gegevens zijn van belang om vast te stellen of de hond
ziek is of niet. Soms geeft zelfs een van deze gegevens een
idee in welke richting de dierenarts moet zoeken naar een
aandoening. Het is handig om te weten wat de basisgegevens
in normale situatie zijn voor uw hond! Immers: de drie basis
gegevens verschillen per hond! Noteer dus ergens de normale
uitgangswaarden.
hartslag
De hartslag van pups en heel jonge honden varieert tussen
110 en 120 slagen per minuut. Volwassen honden hebben een
hartslag tussen 90 en 100 slagen, terwijl de oudere hond 70
a 80 slagen per minuut heeft. Uitgangspunt hierbij is de hond
in rust. Vanzelfsprekend neemt de hartslag toe tijdens inspanning.
Tel gedurende minimaal 15 seconden de hartslag en vermenigvuldig
dit met 4. Beter is een volle minuut te tellen, maar bij sommige
honden is dit moeilijk, vanwege de beweeglijkheid.U kunt de
hartslag tellen met wijs- en middelvinger, die u op de grote
slagader legt aan de binnenkant van de achterpoot, hoog op
het been, bijna op de plaats waar het been overgaat in de
romp. Dit is echter vrij moeilijk. Het eenvoudigst is de hand
op de linkerborst van de hond te leggen. U kunt echter via
deze methode niet de "kracht" voelen, waarmee het
bloed wordt rondgepompt. Kunt u bij een ziek dier de hartslag
slecht voelen via de dijbeen slagader, dan is dit meestal
een slecht teken. Een belangrijke wetenswaardigheid is het
feit dat de hartslag bij de hond onregelmatig is! Hierover
hoeft u zich dus niet ongerust te maken. Een zieke hond heeft
meestal een snellere hartslag.
ademhalingsfrequentie
Net zoals bij de hartslag varieert de ademhalingsfrequentie
(aantal ademhalingen per minuut) naar gelang de leeftijd van
de hond. Jonge honden zullen 18 tot 20 keer per minuut ademhalen,
volwassen honden 16 tot 18 keer en oudere honden 14 tot 16
keer per minuut. Natuurlijk zal de hond sneller gaan ademen
bij inspanning. Normaal zal de hond door zijn neus ademen.
Bij opwinding, warmte en inspanning zal de hond gaan hijgen
en door de bek ademen. Hijgen in rust is meestal een teken
dat de hond zich niet lekker voelt. Wanneer u wilt tellen
hoe vaak de hond ademt telt u alleen de inademing, of de uitademing
en niet allebei!
temperatuur
De normale temperatuur van de hond varieert tussen de 38o
C en 39o C. U dient de temperatuur van de hond altijd rectaal,
dat wil zeggen via de anus op te nemen. Wanneer u een kwikthermometer
gebruikt dient u de hond erg goed vast te houden en het liefste
met hulp van iemand anders. Wanneer de thermometer breekt
is immers de kans groot dat het kwik in aanraking komt met
de hond! Zorg dat de kwikthermometer op 36o C is afgeslagen.
Pak de staart vast en trek deze iets omhoog. Steek dan voorzichtig
het uiteinde van de thermometer in de anus en houdt de thermometer
gedurende 3 minuten in de anus. Gebruikt u een digitale thermometer,
dan zal de thermometer meestal zelf een signaal geven wanneer
de waarde afgelezen kan worden. Ons advies is eigenlijk een
digitale thermometer aan te schaffen speciaal voor de hond
en deze bij de huisapotheek te bewaren. Een digitale thermometer
is sneller af te lezen en brengt minder risico's met zich
mee. De prijzen zijn tegenwoordig erg laag, vanaf 18 gulden
heeft u al een thermometer. De temperatuur is waardevolle
informatie wanneer de hond ziek is. Heeft de hond koorts,
meet dan enkele malen per dag.

|